Pesten in de buurt!

Overzicht registratie pesten in de buurt 2009-2011

Naar aanleiding van de ontstane ophef over een weggepest homostel in het Haagse stadsdeel Laak is de landelijke Branchevereniging van Antidiscriminatiebureaus (LBA) gevraagd, hoe vaak dergelijke gevallen de afgelopen jaren voorgekomen zijn en op welke gronden mensen zijn (weg)gepest.

Om hier een antwoord op te kunnen geven, heeft de LBA een inventarisatie uitgevoerd onder alle ADB’s in Nederland (leden en niet-leden van de LBA; zie bijlage 2 voor een overzicht). Hiertoe is een format ontwikkeld, dat door vrijwel alle ADB’s ingevuld is. De ADB’s werd gevraagd, de zaken uit de periode 2009-2011 in het format te plaatsen die voldoen aan een aantal voorwaarden:

-      het gaat om een min of meer gerichte systematische of in ieder geval structurele pesterijen en pogingen tot wegpesten tussen buren; geen eenmalige incidenten;

-      het gaat zowel om pesten door mensen uit de buurt of groepen in de buurt als om pesten door één buur of personen op één buurtadres (1-op-1 gevallen). Beide categorieën zijn wel zichtbaar apart gehouden in het format.

De door de ADB’s aangeleverde formats zijn samengevoegd. Vervolgens zijn de ingevoerde gegevens gecontroleerd op bijvoorbeeld juistheid van de ingevulde discriminatiegronden. Zaken waarbij niet of onvoldoende duidelijk was of deze voldeden aan voornoemde voorwaarden, zijn verwijderd. Toch moeten bij deze inventarisatie een aantal voorbehouden gemaakt worden. Het gaat om een inventarisatie die, onder tijdsdruk, is uitgevoerd op basis van de klachtenregistratie. Er heeft geen dossieronderzoek plaatsgevonden. Daarnaast zijn de gegevens niet volledig vergelijkbaar omdat er verschillen (kunnen) bestaan in registratiewijze tussen de ADB’s. Enkele ADB’s konden niet voor alle drie de jaren cijfers aanleveren. Sommige ADB’s hebben ook de bij hun bekende registratiegegevens van de politie aangeleverd (zie bijlage). Dit nog afgezien van het feit dat uit onderzoek bekend is dat de meeste (ervaren) discriminatie niet gemeld of als zodanig herkend wordt en dus ook niet wordt geregistreerd. De geregistreerde gevallen zijn derhalve het spreekwoordelijke ‘topje van de ijsberg’. Het gaat hier om een indicatieve inventarisatie die een indruk geeft van de (relatieve) omvang van deze problematiek.

In totaal ging het in de periode 2009-2011 om bijna 500 gevallen van wegpesten (494). In het grootste deel van de gevallen ging het om wegpesten van personen door één buur of personen op één buurtadres (308). Deze zogenaamde 1-op-1 gevallen zijn in tabel 1 (zie bijlage 1)  uitgesplitst naar discriminatiegrond. Te zien is dat verreweg de meeste gevallen discriminatie op grond van ras betroffen (60%), in een enkel geval in combinatie met een andere grond. Daarna gingen de meeste gevallen over discriminatie op grond van seksuele gerichtheid (12%).

Naast de 1-op-1 gevallen gaat om het wegpesten door meerdere buren of buurtgenoten of groepen in de buurt. In tabel 2 staan deze klachten eveneens uitgesplitst naar de verschillende gronden van discriminatie. Ook hier betroffen de meeste gevallen rassendiscriminatie, hoewel iets minder vaak dan bij de 1-op-1 gevallen (52%). Vervolgens gingen de meeste gevallen om homodiscriminatie (29%). Dit percentage is juist behoorlijk hoger dan bij de 1-op-1 gevallen.

In totaal is in 145 gevallen aangifte bij de politie gedaan; bij de 1-op-1 gevallen 103 keer en bij de gevallen waar om meerdere veroorzakers ging 42 keer. Op basis van deze inventarisatie kan echter niets gezegd worden over de uitkomst van een eventueel strafrechtelijk traject. Ook kan niet gezegd worden dat in alle gevallen (ook) aangifte is gedaan van discriminatie of (alleen) van zogenaamde ‘commune delicten’ zoals geweldpleging of vernieling.

Uit de beschrijvingen van de zaken blijkt dat zaken als geweldpleging en vernieling veel voorkomen in dit soort zaken, veelal in samenhang met discriminatoire bejegening. Ook slepen dit soort zaken vaak erg lang. Zaken die meerdere jaren duren zijn geen uitzondering. In zulke zaken vinden gedurende de tijd vaak talloze incidenten plaats.

Discriminatie in de woonomgeving komt voor in Nederland, zoveel is duidelijk uit de inventarisatie naar klachten over discriminatoir pestgedrag in de woonomgeving. In welke mate is niet te zeggen, aangezien het grootste deel van de gevallen niet in de cijfers terecht komt (onderrapportage). Overigens is lang niet altijd duidelijk of discriminatie in conflicten tussen buren de oorzaak of het gevolg van het conflict is. Vaak zitten er ook andere aspecten aan dergelijke zaken zoals overlast. Wel blijkt dat discriminatie een escalerend effect heeft op zulke conflicten.[1] Het is daarom van belang dit in een zo vroeg mogelijk stadium te herkennen en bespreekbaar te maken. Meestal gebeurt dit niet. Omdat de slachtoffers niet weten waar ze terecht kunnen of te laat aan de bel trekken, of omdat professionals (wijkagenten, woonconsulenten) de discriminatie niet of te laat herkennen.

 

Aan het bovenstaande kunnen twee conclusies worden verbonden: de bekendheid met de mogelijkheid om discriminatie te melden voor slachtoffers moet worden vergroot en de deskundigheid van professionals om discriminatie te herkennen en er mee om te gaan moet worden bevorderd. Dit moet er tevens toe bijdragen dat de communicatie en afstemming tussen de ketenpartners bij de aanpak van discriminatoire overlast in de woonomgeving wordt verbeterd. Meer in het algemeen zou het zeer wenselijk zijn als de aanpak van discriminatie in de woonomgeving onderdeel uitmaakt van gemeentelijk beleid dat is gericht op het aanpakken en voorkomen van fysieke en sociale woonoverlast. Het belang van deze maatregelen overstijgt de betreffende incidenten. Als discriminatie in dergelijke conflicten niet herkend of benoemd wordt, blijft effectieve actie uit en loopt maatschappij schade op. Daarbij blijven gevallen ongesignaleerd en ongerapporteerd, wat een beter zicht op de aard en omvang van de problematiek in de weg staat en structurele preventie frustreert.

 


Bijlage 1

Tabel 1: ‘wegpesten’ door één buur/buren op één adres:

 

2011

2010

2009

Geslacht

1

5

3

Godsdienst

2

5

2

Handicap

7

4

0

Levensovertuiging

0

3

0

Overig

3

3

5

Politieke gezindheid

1

0

0

Ras

70

94

54

Ras+godsdienst

2

4

1

Ras+handicap

0

1

0

Ras+seksuele gerichtheid

0

0

1

Seksuele gerichtheid

14

10

13

Subtotaal

100

129

79

 

Tabel 2: ‘wegpesten’ door meerdere buren/buurtgenoten/groepen in de buurt:

 

2011

2010

2009

Burgerlijke staat

0

0

1

Geslacht

2

0

2

Geslacht+godsdienst

1

0

0

Godsdienst

2

0

1

Handicap

4

5

6

Overig

2

6

5

Ras

26

34

33

Ras+godsdienst

0

1

1

Ras+seksuele gerichtheid

1

0

0

Seksuele gerichtheid

20

19

14

Subtotaal

58

65

63

 

Tabel 3: totaal aantal gevallen van ‘wegpesten’

 

2011

2010

2009

Totaal

158

194

142

 

De cijfers over 2011 van de meeste ADB’s waren bijgewerkt tot en met medio oktober.


 

Bijlage 2: overzicht van de ADV’s die gegevens aangeleverd hebben

 

ADB                                                  Lid LBA       Politieregistratie

Amsterdam Amstelland                         X

Brabant-Noord (RADAR)                       X         

Flevoland                                           X

Friesland                                            X                 X

Gelderland-Zuid

Groningen                                          X

Hollands Midden en Haaglanden            X                 X

Kennemerland                                     X                 X

Limburg

Midden- en West-Brabant  (RADAR)       X

Noord-Holland Noord                           X                 X

Noord-Oost Gelderland

Rotterdam Rijnmond (RADAR)               X

Utrecht                                              X

Zaanstreek-Waterland                                            X

Zeeland

Zuid-Holland Zuid (RADAR)                   X

Zuid-Oost Brabant

 

 

 


[1] Dit bleek uit een kwalitatieve analyse van 130 dossiers met betrekking tot burenconflicten. Zie http://www.discriminatiezaken.nl/index.php?option=com_phocadownload&view=category&id=1%3Aactuele-publicaties&download=1%3Adiscriminatiemonitor-woonomgeving-2009&Itemid=19&lang=nl.

 

1-op-1 voorbeelden

 

Een Marokkaanse vrouw wordt, in de drieënhalf jaar dat zij op haar huidige adres woont, lastiggevallen door de buren. Zij wordt stelselmatig uitgescholden (“ga terug naar waar je vandaan komt”) en er wordt meerdere keren afval in haar brievenbus gedeponeerd. Ook worden er geregeld eieren en aardappelen in haar tuin gegooid.

Het ADB schrijft de woningbouwvereniging aan en wijst er op, dat de verhuurder verplicht is om klachten over discriminatie serieus te behandelen. De woningbouwvereniging onderzoekt de zaak en in overleg met het ADB en de betrokkenen wordt een bemiddelingspoging ondernomen.

 

Een man en zijn partner worden door hun buren veelvuldig uitgescholden, met teksten als “homo's”, “jij bent de grootste homofiel die er rondloopt”, “je hondje is net zo lelijk als jij.” Daar blijft het niet bij: de man is ook door de buurman mishandeld.

Het ADB ondersteunt de man bij het aangifte doen bij de politie van de mishandeling en zorgt er voor, dat het discriminatieaspect in de aangifte wordt opgenomen (dit is een strafverzwarende omstandigheid). De politie onderzoekt de zaakt de de buurman wordt vervolgd.

 

Een gezin van allochtone afkomst wordt bij voortduring lastiggevallen door de buren. De buren bellen steeds de woningbouwvereniging en de politie met nergens op gebaseerde klachten. Daarnaast krijgen ze steeds scheldpartijen toegevoegd met teksten als “je bent hier niet in Afrika" en “ga terug naar je eigen land".

Het ADB neemt contact op met de woningbouwvereniging en de wijkagent en wijst hen op de kant van de zaak van het gezin dat wordt gediscrimineerd. Zowel de woningbouwverening als de wijkagent spreken vervolgens de buren aan op hun gedrag.

 

 

voorbeelden met meerdere veroorzakers

 

Een Antilliaanse vrouw wordt al enkele jaren lastig gevallen door een groep jongeren. De groep maakt apen- en oerwoudgeluiden tegen haar, schopt voetballen in haar tuin en er wordt op haar gebonkt. Ook worden alle planten in haar tuin vernield.

Het ADB neemt contact op met de wijkagent, die de ouders van de jongeren op het gedrag van hun kroost aanspreekt.

 

Een homoseksuele man wordt stelselmatig lastig gevallen door een grote groep jongeren met dreigtelefoontjes, eieren tegen ramen en bonken op buitenmuren. Als de jongeren hem op straat zien wordt hij steevast voor “kankerhomo” en “pedofiel” uitgescholden.

Het ADB ondersteunt de man bij het doen van aangifte bij de politie van discriminatie en bedreiging. De politie onderzoekt de zaak en de jongeren worden vervolgd.

Een Nigeriaanse man wordt in zijn straat stelselmatig vanwege zijn huidskleur uitgescholden door Marokkaanse jongens. Ook schoppen ze met een voetbal tegen hem, kiepen ze zijn boodschappentas om op straat en spugen naar hem. Het ADB neemt contact op met de wijkagent, die de ouders van de jongeren aanspreekt. Als dit geen resultaat oplevert en de jongeren de man blijven belagen, ondersteunt het ADB de man bij het doen van aangifte bij de politie tegen de jongeren.

 
 
 
© Bureau Gelijke Behandeling | Disclaimer | Sitemap | Werc van Sterc