Hand in Hand, opgroeien in diverse relaties.

Een stijgend aantal kinderen in Nederland groeit op bij gescheiden ouders. Kinderen wonen in een éénoudergezin of bij twee moeders of twee vaders.
Scholen kunnen bij Bureau Gelijke Behandeling gastlessen aanvragen voor alle leeftijdsgroepen over diversiteit in relaties. Daarbij wordt de nieuwe lesmethode Hand in Hand van COC Haaglanden gehanteerd.

Welke invloed heeft de gezinssituatie op een kind?

De gezinssituatie die kinderen vanaf jonge leeftijd kennen, vormt lange tijd het referentiekader waaraan ze hun leefwereld afmeten. Als kinderen oud genoeg zijn om in te stromen in de basisschool, hebben kinderen naast hun persoonlijke gezinssituatie nog niet veel ervaring met gezinnen die op andere wijze zijn samengesteld. Op het eerste gezicht hebben vierjarigen daar ook niet altijd oog voor. Maar een kind dat ziet dat een klasgenoot door twee mannen naar school wordt gebracht, kan zich wel degelijk afvragen waar de moeder van het jongetje is. Het jongetje met de twee vaders kan zich soortgelijke vragen stellen over de gezinssituatie van zijn klasgenoot.

Hoe worden taboes in stand gehouden?

Uit de ervaringen in hun directe omgeving leiden kinderen af hoe volwassenen over bepaalde zaken denken. Ook taboes worden goed aangevoeld door kinderen. Aan de reactie op hun verhalen - mijn vriendje Jeroen heeft twee papa's - merken ze precies hoe hun opvoeders over bepaalde situaties denken. Je zou kunnen stellen dat kinderen uit die reacties afleiden wat er van henzelf wordt verwacht.

Eenzijdige beeldvorming

Ook lesmethodes en veel prentenboeken dragen bij aan beeldvorming omtrent relaties. Vaak gaan lesmethodes uit van hetero-gezinnen en veel prentenboeken benadrukken bovendien de rolpatronen tussen mannen en vrouwen: vader gaat uit werken en moeder maakt het eten klaar. Deze subtiele signalen werken in de hand dat kinderen een heterogericht beeld van de wereld krijgen. Het kind dat twee vaders of twee moeders heeft, ervaart daardoor dat zijn gezinssituatie hier niet in past. Zijn of haar klasgenoten merken dit ook op. Door deze eenzijdige beeldvorming dragen opvoeders (al dan niet bewust) actief bij aan het in stand houden van vooroordelen en taboes omtrent bepaalde relaties.

De gevolgen

Als gevolg van deze beeldvorming is het mogelijk dat klasgenoten afwijzend op nieuwe opvoeders reageren. Door het niet bespreekbaar maken van niet-traditionele gezinnen krijgen kinderen het signaal dat deze gezinnen niet normaal zijn.

Deze handelswijze doet ongewild afbreuk aan het veilige klimaat dat scholen willen creëren voor leerlingen en opvoeders. De gevolgen kunnen zijn
• Leerlingen uit `nieuwe`gezinnen voelen zich onbegrepen.
• Klasgenoten van leerlingen uit `nieuwe`gezinnen ervaren de gezinssituatie van die kinderen als afwijkend.
• Opvoeders uit `nieuwe`gezinnen ervaren niet dat zij het kind samen met de school opvoeden, omdat de school hun persoonlijke identiteit als onderdeel van hun opvoeding niet als gelijkwaardig benadert.
• Leerlingen in het algemeen ervaren dat diverse niet/traditionele leefvormen)waarmee zij bijvoorbeeld via tv en internet in contact komen' afwijkend zijn, omdat er binnen de school weinig tot geen aandacht voor deze leefvormen is.
• Leerlingen die twijfelen over hun eigen geaardheid ervaren dat homoseksualiteit als afwijkend wordt ervaren.

Uit de lesmethode Hand in Hand van het COC Haaglanden kunnen scholen ook zelf putten voor de lessen rond het thema diversiteit in relaties. Scholen kunnen op deze manier bijdragen aan veiligheid en vertrouwen op school en het open gesprek over bovengenoemde thema´s bevorderen.

 

 

 
 
 
© Bureau Gelijke Behandeling | Disclaimer | Sitemap | Werc van Sterc